Website DE BESTE MANIER VAN SCHEIDEN ONLINE

10-09-2015

Op Dag van de Scheiding 11 september 2015

ZWOLLE / MEPPEL – Vrijdag 11 september 2015 is de dag van de scheiding. Deze dag is door de Vereniging van Familierechtadvocaten Advocaten Scheidingsmediators (vFAS) in het leven geroepen om aandacht te vragen voor het onderwerp ‘scheiden’ en het grote belang van goede en deskundige begeleiding daarbij. Het doel van deze dag:  het verbeteren van het proces van scheiden. Gebleken is dat dit kan door het overleg te zoeken met elkaar. Vier advocaten in de regio Noord-Oost Nederland hebben hun krachten gebundeld om deze wijze van scheiden in overleg onder de aandacht te brengen: “De beste manier van scheiden.”

Ieder jaar scheiden er meer dan 30.000 stellen. Hoewel een deel van deze stellen hun scheiding op een goede manier regelen met aandacht voor elkaars belangen en die van hun kinderen, is het helaas ook zo dat een aanzienlijk deel geen overleg met elkaar zoeken. In veel van die laatste gevallen gaat het om een vechtscheiding, waarvan naast de partners de kinderen de dupe zijn. Een vechtscheiding kost veel tijd en geld en daarnaast kost het veel negatieve energie.

Kirsty Selcraig, Irma Thoenes–van der Veen, Rita Kersten en Ruth Olie-Hallmans zijn allemaal ervaren advocaten en mediators op het gebied van familierecht en zij zijn allemaal lid van de vFAS. Deze vier advocaten maken zich hard voor een nieuwe manier van scheiden: ‘Overlegscheiden’. In een overlegscheiding wordt samengewerkt in teamverband, tussen de (ex-)partners, hun advocaten, een coach en daar waar nodig andere deskundigen, zoals een financieel deskundige of een kinderdeskundige. De coach is aanwezig om het emotionele proces, wat een scheiding is, te begeleiden. Het team sluit een overeenkomst met elkaar, waarin bindend wordt afgesproken om het hele scheidingsproces zonder tussenkomst van een rechter af te wikkelen. Ook de advocaten committeren zich hieraan wat betekent dat er geen sprake is van dubbele agenda’s. Dit waarborgt transparantie en respect en voorkomt strijd. Een overlegscheiding is feitelijk een combinatie van de voordelen van verschillende manieren van scheiden; een mediation met ieder een eigen deskundige advocaat. In deze setting kunnen partijen op een veilige manier tot duurzame afspraken komen, die standhouden nu partijen zijn blijven praten met elkaar.

Op 11 september a.s. is de dag van de scheiding. Op die dag lanceren Kirsty, Irma, Rita en Ruth hun nieuwe website: www.debestemaniervanscheiden.nl.Geïnteresseerden kunnen vanaf die dag de site bezoeken, en contact opnemen voor meer informatie over de overlegscheiding.

 

Wetsvoorstel beperking duur partneralimentatie

21-06-2015

Op grond van de huidige wetgeving kan in geval van scheiding een alimentatiegerechtigde ex-echtgenoot aanspraak maken op een onderhoudsbijdrage in zijn/haar levensonderhoud gedurende maximaal 12 jaar na echtscheiding.

Deze wettelijke alimentatieregeling is de afgelopen jaren niet onbesproken gebleven. In de praktijk wordt vaak de vraag gesteld of de wettelijke alimentatieduur op korte termijn gewijzigd zal gaan worden.

Niet alleen in de rechtspraktijk wordt deze regeling al langere tijd achterhaald gevonden. Ook een Kamermeerderheid van VVD, PvdA en D66 vindt dit systeem achterhaald.

Alimentatie zou meer een vangnet moeten worden waardoor terugkeer naar de arbeidsmarkt wordt gestimuleerd, aldus VVD-Kamerlid Van Oosten. Op vrijdag 19 juni jl. hebben de partijen een wetsvoorstel naar de Raad van State gestuurd. Daarin staat onder meer opgenomen dat de duur van de partneralimentatie wordt ingekort naar de helft van het aantal jaren dat de partners getrouwd zijn geweest. Hierbij wordt een maximum aantal van vijf jaar gehanteerd. Bovendien hoeft er geen partneralimentatie te worden afgedragen als het huwelijk korter heeft geduurd dan 3 jaar en gaat het totaalbedrag aan alimentatie omlaag. Inflatie heeft geen invloed meer op de hoogte van het alimentatiebedrag. Ook het krijgen van een nieuwe partner heeft geen invloed op de duur van de alimentatie.

In enkele gevallen kan de partneralimentatie toch worden verlengd. In het wetsvoorstel zijn een aantal uitzonderingen opgenomen:

  • In geval van een huwelijk dat langer heeft geduurd dan 15 jaar en waarbij de alimentatieontvanger binnen nu en 10 jaar de AOW-leeftijd bereikt. De alimentatieduur kan dan worden verlengd tot maximaal 10 jaar;
  • In geval van jonge kinderen behoudt een ex-partner het recht op partneralimentatie totdat het jongste kind de leeftijd van 12 jaar bereikt.

De partijen verwachten dat het nieuwe wetsvoorstel over een jaar van kracht gaat.

Leidt nieuw kindgebonden budget tot verlaging alimentatieverplichting?

03-06-2015

De familiekamer van het Gerechtshof Den Haag heeft op 3 juni 2015 een uitspraak gedaan, waarbij aan de Hoge Raad prejudiciële vragen zijn gesteld. Het stellen van zo’n vraag is mogelijk wanneer er veel zaken zijn waarin dezelfde rechtsvraag aan de orde is. De prejudiciële vragen van het Haagse hof betreffen het kindgebonden budget in relatie tot de mate waarin ouders zelf moeten bijdragen aan de kosten van hun kind(eren).

Het gaat hier om een beslissing in een kinderalimentatiezaak over de onderhoudsplicht van de vader. De moeder ontvangt een kindgebonden budget.

Sedert 1 januari 2015 geldt de Wet Hervorming Kindregelingen. Op grond daarvan kan de alleenstaande ouder aanspraak maken op de zogeheten alleenstaande ouderkop. De alleenstaande ouderkop maakt onderdeel uit van het kindgebonden budget waarop de ouder aanspraak kan maken. Voor de ouder die voor zichzelf en de kinderen een bijstandsuitkering ontvangt, komt deze alleenstaande ouderkop in plaats van de alleenstaande oudertoeslag die voor 1 januari 2015 via de bijstandsuitkering werd uitbetaald. Vanaf 1 januari 2015 kunnen ook werkende alleenstaande ouders met een laag inkomen recht hebben op de alleenstaande ouderkop.

De prejudiciële vragen betreffen dit kindgebonden budget. Het betreft vooral de vraag of dit kindgebonden budget, of alleen de daarin opgenomen alleenstaande ouderkop, in mindering moet worden gebracht op het eigen aandeel van de ouders in de kosten van levensonderhoud van hun kinderen, ook wel behoefte van de kinderen genoemd, of niet. Als het kindgebonden budget daarop in mindering zou komen, dan heeft dit gevolgen voor de alimentatieverplichting van de ouder bij wie de kinderen niet wonen. Die is dan lager of kan zelfs geheel vervallen.

De uitspraak van de Hoge Raad kan nog maanden op zich laten wachten. Het neemt niet weg dat de Hoge Raad zich wel op termijn over deze materie gaat uitlaten. Dit is ook noodzakelijk nu er geen helderheid is en de rechtbanken geen eenduidige visie hebben over het gevolg van de invoering van de Wet Hervorming Kinderegelingen voor de kinderalimentatie. 

Participatie van het kind bij het ouderschapsplan

18-05-2015

Bij problematische scheidingen is deelname van de kinderen aan het opstellen van het verplichte ouderschapsplan onvoldoende geborgd. Dat concludeert Veronica Smits in het proefschrift dat ze op maandag 30 maart verdedigde aan Tilburg University. Ze deed onder meer de aanbeveling om, met het oog op het belang van het kind, de inbreng van een gedragsdeskundige bij het scheidingsproces te vergroten.

Sinds maart 2009 moeten ouders die scheiden hun kinderen betrekken bij de afspraken in het verplichte ouderschapsplan over de gevolgen van de scheiding. Zij zullen aan de rechtbank kenbaar moeten maken op welke manier de kinderen bij het ouderschapsplan zijn betrokken. Dat betekent in feite dat kinderen een recht op participatie in het ouderschapsplan hebben. De wetgever heeft echter verzuimd aan te geven hoe dat recht moeten worden ingevuld.

Smits onderzocht zowel de wet- en regelgeving rond de deelname van kinderen in het scheidingsproces, als de huidige praktijk van de betrokken professionals zoals de advocaat-mediator, de gedragsdeskundige-mediator en de rechter. Daarbij signaleerde zij een spanningsveld tussen participatie van het kind aan de ene kant en bescherming van het kind tegen mogelijke negatieve invloeden daarvan aan de andere kant.

Participatie van het kind zal in de visie van Smits het uitgangspunt moeten zijn. Dat houdt in dat steeds wanneer de belangen van het kind aan de orde zijn, gezocht moet worden naar op het kind afgestemde mogelijkheden om deel te nemen. Respect voor de mening van kinderen, zorg voor hun kwetsbare positie en zorg voor hun belangen zouden daarbij centraal moeten staan. De Nederlandse wetgeving op dit punt moet volgens Smits beter in overeenstemming worden gebracht met internationale verdragen en regelingen.

Om de participatie van een kind goed te begeleiden, is bij een conflictueuze scheiding de inbreng van een gedragsdeskundige zoals een psycholoog of een pedagoog, of een systeemtherapeut onmisbaar, aldus Smits. Het zoeken naar de balans tussen de gevoelens en mening van kinderen aan de ene kant en bescherming van hun belangen aan de andere, vraagt om professionele expertise. Smits pleit daarom voor verbetering van de positie van een gedragsdeskundige in het scheidingsproces. Zowel in de rol van begeleider tijdens het scheidingsproces, maar ook naast de rechter. Dat betekent tevens dat de juristen in het scheidingsproces en de gedragsdeskundige meer zullen moeten samenwerken.

Het proefschrift beschrijft terecht een zwakke plek in het rechtssysteem. Het ouderschapsplan wordt nog met grote regelmaat als een verplichting en hamerstuk gezien. Terwijl het juist de bedoeling is dat ouders bewust gaan werken aan een heroriëntatie van het ouderschap. Kinderen kunnen in hun ontwikkeling worden bedreigd door een scheiding. De tijdige bewustwording van deze bedreiging is van groot belang. Het daadwerkelijk laten participeren van het kind bij de tot standkoming van het ouderschapsplan verkleint de kans op een schadelijke ontwikkeling.

Het is zonder meer aan te bevelen om het proefschrift te lezen (en er naar te gaan handelen).  

 

Wetsvoorstel Kinderalimentatie

19-02-2015

Regeringspartijen VVD en PvdA hebben een wetsvoorstel ingediend zodat ouders zelf de alimentatie eenvoudig kunnen berekenen in plaats van het vaststellen door de rechter.

Met een nieuwe wet op de kinderalimentatie willen de regeringspartijen VVD en PvdA de betalingsregels na een echtscheiding rechtvaardiger en duidelijker maken. De verdeling van de zorg voor de kinderen wordt een belangrijke maatstaf. Daarmee vervalt het automatisme dat de meest verdienende ouder alimentatie betaalt, zelfs als die een groot deel van de zorg voor de kinderen op zich neemt.

De Kamerleden Jeroen Recourt (PvdA) en Ard van der Steur (VVD) presenteren vandaag hun initiatiefwet die het stelsel op de schop neemt. Uitgangspunt is dat de huidige regels niet rechtvaardig voelen voor veel alimentatiebetalers. De Kamerleden halen de berekening van de te betalen bedragen daarom weg bij de rechter. Ouders moeten dit met een rekensysteem, dat in de wet wordt opgenomen, eenvoudig zelf kunnen doen.

De Kamerleden hopen dat meer transparantie leidt tot minder ruzie tussen gescheiden ouders en daarmee tot minder schade voor de kinderen. 'Ons voorstel voorkomt vechtscheidingen niet', zegt Recourt. 'Maar het aantal conflicten zal dalen. Het is in het belang van het kind als ouders soepeler uit elkaar gaan.' Van der Steur: 'Veel ouders ervaren het systeem als koffiedik kijken. Daar moeten we van af, want alles wat je niet begrijpt bij een scheiding roept emoties op.'

In Nederland eindigt 30 tot 40 procent van de huwelijken in een echtscheiding. Bij meer dan de helft zijn minderjarige kinderen betrokken. Vroeger bleven die in de regel bij de moeder. De afgelopen decennia is er veel meer variatie in de omgangsregelingen gekomen. Hoewel in slechts 20 procent van de gevallen sprake is van gelijkwaardig co-ouderschap, is gedeelde zorg wel steeds meer praktijk geworden. Een alimentatie die daarbij aansluit, is 'herkenbaar en heeft daarmee een groter draagvlak bij beide ouders', aldus VVD en PvdA.

In 2013 kwamen bij het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen 12.867 verzoeken binnen om te helpen bij het innen van kinderalimentatie. Dat is een stijging met 67 procent ten opzichte van vijf jaar eerder, terwijl het aantal echtscheidingen ongeveer gelijk bleef. De weigerachtigheid om te betalen komt volgens de initiatiefnemers doordat de berekeningen van rechters door de rechterlijke macht zelf worden bepaald. Dit wordt in de samenleving als 'niet transparant' ervaren.

Onderzoek van de Hogeschool van Amsterdam toont aan dat 64 procent van de betrokkenen niet begrijpt hoe het bedrag wordt berekend. Slechts 37 procent kan zich vinden in de berekening. Dat ondermijnt de betalingsbereidheid, met alle gevolgen van dien. Daarom stellen de initiatiefnemers een ander rekensysteem voor: een simpele 'tool' die aan de hand van enkele variabelen via internet een berekening maakt. Een proefsysteem wordt als 'gebruiksvriendelijk' ervaren.

Na een scheiding zijn ouders verplicht een ouderschapsplan op te stellen, waarin afspraken worden gemaakt over de onderhoudsplicht. Voor de bedragen die nodig zijn voor de opvoeding van de kinderen zijn doorgaans de tabellen van het Nibud (Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting) leidend, gecombineerd met de draagkracht van de ouders. Komen die er niet uit, dan beslist de rechter. Dit geldt ook voor tussentijds noodzakelijke aanpassingen.

Voorts willen de initiatiefnemers dat de alimentatieplicht geldt tot 18 in plaats van 21 jaar (vroeger de grens voor meerderjarigheid), maar wel met de kanttekening dat voor kinderen die studeren tot hun 23ste betaald moet worden. Dit voorkomt dat de alimentatie halverwege hun studie stil valt.

Een andere opmerkelijke verandering in het wetsvoorstel is dat stiefouders geen rol meer spelen bij de onderhoudsverplichtingen jegens de kinderen van hun partner. Ook dit moet het aantal conflicten omlaag brengen.

De nieuwe regels zullen niet vóór 2016 ingaan. De volledige behandeling van een wetsvoorstel duurt doorgaans zeker een jaar. VVD en PvdA hebben samen een ruime meerderheid in de Tweede Kamer. In de Eerste Kamer moeten zij afwachten hoe de verhoudingen liggen na de verkiezingen van 18 maart.

Bron: Volkskrant